Gebruik en kalibreren

Waar steekt u de thermometer in het vlees voor een betrouwbare meting

Waar steekt u de thermometer in het vlees voor een betrouwbare meting
Foto: StuartWebster — CC BY 2.0 · Flickr

De hoofdregel: het dikste punt, niet de rand

Steek de probe altijd in het dikste deel van het vlees, met de punt in het midden van dat deel, niet aan de zijkant en niet net onder de oppervlakte. Dat dikste punt is de plek die het langst nodig heeft om gaar te worden, en dus de plek waar de laagste, meest betrouwbare temperatuur wordt gemeten. Meet u ergens anders, dan riskeert u een te hoge aflezing terwijl het midden van het vlees in werkelijkheid nog niet op temperatuur is.

Vermijd bot en dikke vetlagen

Bot geleidt warmte anders dan vlees en warmt sneller op, waardoor een meting vlak bij het bot een te hoge temperatuur laat zien terwijl het omliggende vlees nog niet zover is. Datzelfde geldt voor een dikke vetlaag: vet warmt anders op dan spiervlees en geeft daardoor een vertekend beeld. Houd de probe dus altijd een centimeter of meer uit de buurt van bot en grove vetranden.

Per vleessoort: waar het net iets anders werkt

Steak en andere dunne stukken

Bij een steak of visfilet is er vaak weinig dikte om in te steken van bovenaf. Steek de probe daarom vanaf de zijkant horizontaal in het vlees, zodat de meetpunt zo lang mogelijk in het midden van de dikte blijft in plaats van door het vlees heen te schieten.

Hele kip of ander gevogelte

Meet bij een hele kip altijd in het dikste deel van de dij, tussen het lichaam en de poot, zonder het bot te raken. De dij bevat meer vet en bindweefsel dan de borst en heeft daardoor langer nodig om gaar te worden; de borst is vrijwel altijd eerder klaar en geeft dus een misleidend optimistische meting.

Brisket en andere grote stukken

Bij een groot, onregelmatig gevormd stuk vlees zoals een brisket meet u op meerdere plekken, omdat de dikte en dus de gaarheid over het stuk kan variëren. De laagste van die metingen geldt als de werkelijke kerntemperatuur, niet het gemiddelde.

Hamburgers en andere platte stukken

Bij een hamburger of ander plat stuk vlees steekt u de probe net als bij een steak vanaf de zijkant, horizontaal door het midden van de dikte. Verticaal van bovenaf meten werkt bij een burger van twee tot drie centimeter dik zelden goed: de punt van de probe komt dan al snel tegen de grillplaat of het rooster aan de onderkant, wat een te hoge temperatuur laat zien.

Insteekdiepte: waarom digitale en analoge thermometers verschillen

Een digitale thermometer met een dunne thermokoppel-punt meet vrijwel uitsluitend op de plek van de tip zelf, dus is al bij een paar millimeter diep insteken voldoende, mits die tip zich in het midden van het dikste deel bevindt. Een analoge thermometer met een wijzerplaat werkt anders: de sensor loopt over de onderste twee tot vier centimeter van de metalen staaf, waardoor u die vrijwel volledig in het vlees moet steken om een betrouwbare gemiddelde temperatuur te krijgen. Steekt u zo'n analoge thermometer maar half in, dan meet het apparaat deels ook de temperatuur van de lucht of het rooster rond de staaf, wat de aflezing juist bij dunnere stukken vlees onbetrouwbaar maakt.

Gevulde kip of kalkoen: mijd de vulling

Bereidt u een gevulde kip of kalkoen, steek de probe dan niet in de vulling zelf: die warmt anders op dan het omringende vlees en geeft daardoor geen betrouwbaar beeld van de gaarheid van het gevogelte. Meet in dat geval altijd in het dikste deel van de dij, zoals bij een ongevulde kip, en controleer de vulling apart als u ook daarvan de temperatuur wilt weten. Bij twijfel over de plek verplaatst u de probe een centimeter en leest u opnieuw af, in plaats van op één meting te vertrouwen bij een onregelmatig gevormd geheel.

Wacht op een stabiele meting

Geef de thermometer, ook een snelle, enkele seconden de tijd om te stabiliseren voordat u de waarde aflezen: een cijfer dat nog beweegt, is nog niet de definitieve meting. Bij draadloze thermometers die tijdens het hele gaarproces in het vlees blijven zitten, controleert u periodiek of de probe nog op de oorspronkelijke, juiste plek zit, vooral als het vlees tijdens het bereiden van vorm verandert of gedraaid wordt.

Heeft u twijfels of uw thermometer zelf nog nauwkeurig meet, controleer dat dan eerst met de ijswatermethode. De streeftemperatuur die u vervolgens aanhoudt, verschilt per vleessoort en gaarheid; zie het overzicht van kerntemperaturen per vleessoort of zoek snel op via de kerntemperatuur-gids.

Veelgestelde vragen

Waarom geeft mijn thermometer een te hoge temperatuur aan?
Vaak komt dit doordat de probe te dicht bij bot of een vetlaag zit, of niet diep genoeg in het dikste punt van het vlees steekt. Verplaats de probe naar het midden van het dikste deel voor een betrouwbaardere meting.
Moet ik bij een hele kip in de borst of de dij meten?
Meet in het dikste deel van de dij. Dit deel heeft langer nodig om gaar te worden dan de borst, dus een correcte meting hier garandeert dat de rest van de kip ook gaar is.

Lees ook